SCHENKEN
Als notaris en estateplanner ontmoet ik mijn clienten tijdens diverse hoogtepunten in hun le-ven; denk aan: trouwen, kinderen, huis kopen, starten eigen zaak, enzovoorts. Natuurlijk lo-pen ze daarbij risico’s die soms ontaarden in dieptepunten: faillissement, beslaglegging, scheiding, overlijden...
Vaak is het moeilijk hierover te praten, maar als ik kan helpen tijdens de dieptepunten of nog mooier als ik deze kan voorkomen is dat bijzonder plezierig.
Aan de hand van het levensverhaal van Jan en Marie probeer ik de rol van de notaris duidelijk te maken.
In mijn vorige columns heeft u kennis kunnen maken met Jan en Marie.
Ze zijn getrouwd “op huwelijkse voorwaarden” en hebben samen één zoon, Bas.
Jan heeft een paar jaar terug de zaak van zijn ouders, Johan en Annie overgenomen, die naast hun zoon Jan ook nog dochter genaamd Anneke hebben.
Johan en Annie zijn inmiddels met pensioen en kunnen zich goed redden van hun inkomen.
Ze hebben inmiddels AOW, de lijfrentes komen jaarlijks tot uitkering, hun huis is vrij en ze hebben een zogenoemd “box III vermogen” van Euro 300.000,--, deels op een spaarrekening en deels in effecten, zodat ze zelfs kunnen sparen van hun inkomen.
Met de schenkingsmaand december in aantocht vragen zij zich af of het niet verstandig is om serieus te gaan schenken aan hun kinderen.
Johan en Annie zijn al jaren klant op mijn kantoor (ze kwamen al bij mijn respectieve voorgangers, de notarissen Steenbergen, Haaijer en Lanting) en schromen dan ook niet om met hun vragen bij mij langs te komen voor een informatief gesprek.
Ze stellen mij de vraag: “moeten we gaan schenken per bank of op papier of toch maar liever door het verstrekken van een lening?"
De reden voor Johan en Annie om te gaan schenken is in de plaats vrijgevigheid, maar heeft natuurlijk ook een fiscale achtergrond. Ouders kunnen zo al tijdens leven belastingvrij een stukje van hun vermogen overdragen aan hun kinderen.
Het schept nu vreugde en het voorkomt of vermindert de successierechten, de belasting die kinderen over een erfenis moeten betalen.
Ik vertel Johan en Annie dat de meest eenvoudige methode bestaat uit de schenking van hand tot hand (handje contantje of per bank of giro). Belastingvrij kunnen zij Euro 4.479,-- (2008) per kind per jaar schenken. Als ouders kunnen zij ook eenmalig, voordat hun kind 35 jaar is, de jubelschenking doen.
In plaats van Euro 4.479,-- kan dan Euro 22.379,-- (2008) belastingvrij worden geschonken. Van deze grote schenking moet wel aangifte worden gedaan bij de belastingdienst.
In het gesprek lijkt het even of ze voor hun zoon Jan, die inmiddels 36 jaar oud is, net te laat zijn.
Ik vertel hen, dat nu de vrouw van Jan, Marie net als hun dochter 34 jaar is, hun zoon Jan toch gebruik kan maken van deze grote vrijstelling, ook al schenken zij het bedrag uitsluitend aan uw eigen zoon Jan.
Nu een groot deel van het spaargeld van Johan en Annie voor langere tijd vast staat en de aandelenkoers nog steeds erg laag is, vertel ik hen verder dat zij in plaats van een schenking van hand tot hand, de schenking ook op papier kunnen doen.
Nu hun dochter Anneke al in januari 2009 35 jaar wordt kunnen ze zo mooi voorkomen dat de termijn van de jubelschenking verloopt.
Wij spreken af dat ik nog dit jaar in een notariële schenkingsakte vastleg dat zij als ouders de grote vrijstelling schenken aan Jan en Anneke, zonder dat het geld ook daadwerkelijk wordt overgemaakt. De kinderen lenen dit bedrag namelijk meteen weer terug aan hen.
De lening is in beginsel niet opeisbaar door de kinderen. Dat betekent in de praktijk dat pas wordt afgelost als de beide ouders zijn overleden.
Als de lening op het moment van overlijden nog niet is afgelost, kan deze alleen dan als schuld in de nalatenschap van Johan en Annie worden opgenomen als zij jaarlijks een reële rente betalen aan Jan en Anneke.
Nu Anneke naast haar eigen huis geen vermogen heeft, valt deze schenking op papier bij haar volledig in de vrijstelling voor de jaarlijkse inkomstenbelasting.
De schulden wegens geleende gelden zijn voor Johan en Annie aftrekbaar op hun vermogen in box III, zodat zij door deze schenkingen aan de kinderen jaarlijks meer dan Euro 500,-- aan inkomstenbelasting besparen.
De schenking op papier is mede hierdoor een hele mooie methode om jaarlijks vermogen over te hevelen naar de kinderen.
Ik spreek met Johan en Annie af, dat ik bij het tekenen van de akte in december, als de kinderen er ook bij zijn, nog een aantal andere schenkingsmethoden met hen zal doornemen, waaronder begrepen het overhevelen van vermogen door middel van een geldlening.
HUWELIJKSE VOORWAARDEN EN VASTSTELLINGSAKTE
Als notaris en estateplanner ontmoet ik mijn clienten tijdens diverse hoogtepunten in hun leven; denk aan: trouwen, kinderen, huis kopen, starten eigen zaak, enzovoorts. Natuurlijk lopen ze daar-bij risico’s die soms ontaarden in dieptepunten: faillissement, beslaglegging, scheiding, overlij-den...
Vaak is het moeilijk hierover te praten, maar als ik kan helpen tijdens de dieptepunten of nog mooier als ik deze kan voorkomen is dat bijzonder plezierig.
Aan de hand van het levensverhaal van Jan en Marie probeer ik de rol van de notaris duidelijk te maken.
In mijn vorige columns heeft u kennis kunnen maken met Jan en Marie.
Ze zijn getrouwd “op huwelijkse voorwaarden” en hebben samen één zoon, Bas.
Marie en Jan hebben beiden een “full-time”baan, ze werken hard, maar zijn gezond en gelukkig. Met de zaak van Jan zijn vader gaat het ook goed. Jan heeft mede daardoor een goed inkomen, waar hij en Marie flink van kunnen sparen. Als de vader van Jan na een aantal jaren aangeeft dat hij met pensioen wil, besluit Jan de winkel over te nemen. Met een krediet van de bank, een lening van vader en zijn spaargeld lukt de financiering. Jan blijkt een harde werker en een goede ondernemer te zijn, hij opent na de overname van de winkel van zijn vader meerdere filialen. Het gaat Jan fi-nanciëel voor de wind, zodat tien jaren later al zijn leningen zijn afgelost en Jan en Marie daarnaast zelfs samen een vakantiewoning hebben kunnen kopen op Ameland.
Tot zover lijkt het allemaal goed te gaan, maar van wie is nu de zaak als het huwelijk van Jan en Marie niet bestand mocht blijken te zijn tegen de zakelijke successen van Jan?
Zo op het eerste oog zult u waarschijnlijk zeggen: van Jan natuurlijk, maar…
Jan en Marie hebben door alle drukte nooit meer aan hun huwelijkse voorwaarden gedacht, laat staan aan het oude Amsterdamse Verrekenbeding.
In de Nederlandse rechtspraak is uitgemaakt dat het achterwege laten van deze jaarlijkse verreke-ning tot gevolg heeft dat het herbelegde "gespaarde" geld gezien moet worden als een gezamenlijke belegging. Wanneer het bij Jan en Marie tot een echtscheiding komt, zal de rechter oordelen dat de winkels van Jan en Marie van hun tweeën zijn. Immers de overname van de zaak en latere aflossin-gen van de leningen zijn gedaan met met geld wat ze samen hebben gespaard, althans met geld wat ze eerlijk hadden moeten delen. Nu deze jaarlijkse verrekening achterwege is gebleven, zullen de met deze gelden gedane investeringen zonder twijfel worden gezien als een gezamenlijke beleg-ging, dus eerlijk delen.
In bovenstaand voorbeeld blijken Jan en Marie verzuimd te hebben hun jaarlijkse verrekening ook daadwerkelijk uit te voeren.
Hieronder wat oplossingen voor Jan en Marie.
Als Jan en Marie in het kader van hun “Huwelijkse Voorwaarden-Scan” bij mij langskomen wijs ik hen op de gevolgen van het niet uitvoeren van een Amsterdams verrekenbeding. Jan en Marie ge-ven aan dat zij uiteraard een eerlijke verdeling wensen van het (indirect) door hen samen opge-bouwde vermogen. Marie zegt dat zij geen verstand heeft van de winkels van Jan en dat zij wil dat Jan deze winkels kan blijven exploiteren ook als zij uit elkaar mochten gaan. Wel wil Marie dan tot op zekere hoogte meedelen in de vermogensgroei.
Jan en Marie besluiten notarieel te laten vastleggen hoe zij hadden moeten verrekenen in de afgelo-pen jaren. Omdat het onmogelijk is alle jaren afzonderlijk te herrekenen, besluiten ze op mijn ad-vies dit in één keer te doen, en dit vast te leggen in een zogenoemde "vaststellingsakte".
Door het opmaken van een vaststellingsakte wordt tussen partijen bindend vastgelegd hoe hun vermogenspositie op dat moment is. Jan en Marie laten vastleggen dat de winkels van Jan zijn en tevens laten ze vastleggen hoeveel geld Marie daarnaast nog van Jan krijgt als zij vandaag zouden scheiden. Mede vanuit het oogpunt van bescherming tegen schuldeisers bij een faillissement van Jan, maar ook om een evenwichtige verdeling te creeëren besluiten zij tevens om de vakantiewo-ning op Ameland volledig op naam van Marie te zetten.
Ook dit is een manier van oogsten.
HUWELIJKSE VOORWAARDEN
Als notaris en estateplanner ontmoet ik mijn clienten tijdens diverse hoogtepunten in hun leven; denk aan: trouwen, kinderen, huis kopen, starten eigen zaak, enzovoorts. Natuurlijk lopen ze daarbij risico’s die soms ontaarden in dieptepunten: faillissement, beslaglegging, scheiding, overlijden...
Vaak is het moeilijk hierover te praten, maar als ik kan helpen tijdens de dieptepunten of nog mooier als ik deze kan voorkomen is dat bijzonder plezierig.
Aan de hand van het levensverhaal van Jan en Marie probeer ik de rol van de notaris duidelijk te maken.
In mijn vorige columns heeft u kennis kunnen maken met Jan en Marie.
Ze wonen samen en hebben hun zaakjes goed geregeld door middel van het sluiten van een notarieel samenlevingscontract en een testament, ze hebben samen één zoon, Bas.
Wij spraken af dat ze bij mij terug zouden komen als hun feitelijke situatie zou wijzigen.
Jan en Marie hebben besloten om deze zomer te gaan trouwen en ze komen bij mij op kantoor omdat ze een aantal vragen hebben:
1. Blijft hun samenlevingscontract geldig na het huwelijk?
2. Welke aanvullingen moeten of kunnen ze maken op hun contract?
3. Blijft hun testament geldig?
Bovenstaande vragen krijg ik ook regelmatig via de e-mail, ik beantwoord ze echter zelden of nooit zonder een voorafgaand persoonlijk gesprek.
Tijdens deze bespreking hoor ik vaak details die van belang zijn voor een goed antwoord.
Wanneer je voorafgaand aan het huwelijk geen akte van huwelijkse voorwaarden laat opmaken door een notaris trouw je in de wettelijke algehele gemeenschap van goederen; je wordt dan samen eigenaar van alle huidige en toekomstige bezittingen van man en vrouw, daarnaast draai je echter ook op voor alle schulden die ieder van de huwelijkspartners maakt. In het geval van een faillissement raken man en vrouw dan alles kwijt.
Een samenlevingscontract eindigt bij het sluiten van een huwelijk, zodat Jan en Marie wanneer ze willen afwijken van de wettelijke gemeenschap van goederen hiervoor een zogenoemde akte van huwelijkse voorwaarden moeten laten opmaken.
Jan vertelt dat hij nog steeds van plan is de winkel van zijn vader over te nemen en dat in geval van een echtscheiding Marie hem niet moet kunnen dwingen de zaak te verkopen. Marie geeft aan niet aansprakelijk te willen worden voor mogelijke schulden die uit de zaak kunnen voortvloeien, wel zou ze graag mee willen delen in (een deel van) de toekomstige vermogensgroei.
We spreken af dat ik een akte van huwelijkse voorwaarden ga maken die tegemoet moet komen aan hun beide wensen. Wel tot op zekere hoogte de inkomens en vermogensvoordelen samen delen en toch ook bescherming tegen faillissement en echtscheiding, anders gezegd: “wel de plussen, niet de minnen”.
Alle gelden die in de zaak blijven zijn van Jan, alles wat ze eruit halen via arbeidsinkomen en wat daarvan overblijft na “eten, drinken en vrolijk zijn” zullen ze jaarlijks eerlijk delen, zodat Marie ook zelf kan sparen, deze gelden zijn dan veilig gesteld ingeval van faillissement van Jan.
Verder spreken ze af dat bij einde van hun huwelijk door echtscheiding alles alsnog “eerlijk” wordt gedeeld, echter wel met uitzondering van de zaak van Jan en alles wat ze door erfenis en schenking tijdens het huwelijk zullen krijgen.
Ik leg hun verder uit dat de huwelijkse voorwaarden zullen bepalen wie eigenaar van wat is, dat hun bestaande testamenten al bepalen waar deze bezittingen heen gaan bij overlijden. Ze hoeven deze testamenten niet aan te passen omdat ik bij het maken van deze akten destijds al rekening heb gehouden met een mogelijk huwelijk.
Tot slot spreek ik met Jan en Marie af dat ik hun akte over 5 jaren opnieuw zal bekijken en dat ik hen eerder zal benaderen wanneer er wetswijzigingen zijn die voor hen van belang zijn. Ik neem hen daartoe op de door ons kantoor ontwikkelende “Huwelijkse voorwaarden-Scan”, zodat hun akte “up-to-date” blijft.
Verder spreken we af dat zij contact met mij opnemen als hun feitelijke situatie tussentijds veranderd.
Als notaris en estateplanner ontmoet ik mijn clienten tijdens diverse hoogtepunten in hun leven; denk aan: geboorte, trouwen, huis kopen, starten eigen zaak, enzovoorts. Natuurlijk lopen ze daarbij risico’s die soms ontaarden in dieptepunten: faillissement, beslaglegging, scheiding, overlijden...
Vaak is het moeilijk hierover te praten, maar als ik kan helpen tijdens de dieptepunten of nog mooier als ik deze kan voorkomen is dat bijzonder plezierig.
Aan de hand van het levensverhaal van Jan en Marie probeer ik de rol van de notaris duidelijk te maken. In mijn vorige column heeft u kennis kunnen maken met Jan en Marie.
Ze wonen samen en hebben hun zaakjes goed geregeld door middel van het sluiten van een notarieel samenlevingscontract en een testament.
Wij spraken af dat ze bij mij terug zouden komen als hun feitelijke situatie zou wijzigen. Op een zonnige ochtend in het voorjaar komen ze beiden stralend mijn kantoor binnen om te vertellen dat hun zoon Bas is geboren en ze hebben een aantal vragen:
Als notaris en estateplanner ontmoet ik mijn clienten tijdens diverse hoogtepunten in hun leven; denk aan: Geboorte, Trouwen, Huis kopen, Starten eigen zaak, enzovoorts. Natuurlijk lopen ze daarbij risico’s die soms ontaarden in dieptepunten: Faillissement, Beslaglegging, Scheiding, Overlijden...
Vaak is het moeilijk hierover te praten, maar als ik kan helpen tijdens de dieptepunten of nog mooier als ik deze kan voorkomen is dat bijzonder plezierig.
Aan de hand van het levensverhaal van Jan en Marie ga ik proberen de rol van de notaris duidelijk te maken.
Jan en Marie kennen elkaar van middelbare school en gaan na hun studies samenwonen. Jan werkt bij zijn vader in de zaak en Marie werkt als onderwijzeres.
Jan zijn beide ouders leven nog en hij heeft een broer.
Marie haar vader is overleden, haar moeder leeft nog.
Als ze besluiten een huis te kopen, komen ze bij mij.
Ze hebben een aantal vragen:
1. op wiens naam moet de woning;
2. hoe voorkomen we dat Marie wordt meegesleurd in een mogelijk faillissement van Jan;
3. wie krijgt het huis bij overlijden;
4. waar moeten we nog meer op letten?
Bovenstaande vragen ook krijg ik ook regelmatig via e-mail, ik beantwoord ze echter zelden of nooit zonder een voorafgaand persoonlijk gesprek.
Tijdens deze bespreking hoor ik vaak details die van belang zijn voor een goed antwoord.
Jan en Marie vertellen dat zij het belangrijk vinden om samen te profiteren van de waardestijging van de woning, maar omdat Jan later de zaak van zijn vader wil overnemen moet deze woning nooit in een faillissement kunnen vallen.
Ik leg hen uit dat ze het huis op naam van Marie kunnen zetten en in een samenlevingscontract kunnen vastleggen dat ze bij het einde van hun relatie de waarde van de woning toch eerlijk delen, tenzij Jan dan faillissement is.
Als Jan failliet gaat en Marie gelijktijdig besluit hem de bons te geven, heeft Jan dus pech.
Besluiten ze later uit elkaar te gaan zonder dat sprake is van een faillissement, dan heeft Jan recht op zijn deel in de overwaarde.
Nu Marie in het onderwijs werkt en pensioenrechten opbouwd bij het ABP kan in het samenle-vingscontract ook worden afgesproken dat deze rechten bij haar overlijden naar Jan gaan. Bij gehuwden gaat dit vanzelf, samenwoners moeten zich met het samenlevingscontract melden bij het ABP.
Wanneer een samenwonende partner overlijdt, erven zijn of haar familieleden diens bezittingen. Ook regelen zij de uitvaart.
In een testament kan Marie opnemen dat de woning bij haar overlijden naar Jan gaat en dat Jan haar uitvaart mag regelen, hij wordt met een mooi woord haar executeur.
Omdat Marie haar vader is vóóroverleden neem ik in haar testament een regeling op dat haar vader’s erfdeel terug gaat naar haar eigen familie. Hun overige bezittingen zullen fifty/fifty tussen beide families worden verdeeld, wanneer zij kinderloos overlijden. Zonder deze bepaling zou alles naar de familie van de langstlevende gaan.
Nu Jan en Marie ongehuwd samenwonen vallen ze successierechtelijk in de hoogste tariefgroep (41-68%). Ik vertel hen dat ze door het opmaken van een samenlevingscontract de successievrij-stelling voor gehuwden krijgen (Euro 500.000) en in de laagste tariefgroep vallen (5-27%). Ze moeten dan wel jaarlijks opteren voor “fiscaal partnerschap”.
Tot slot spreek ik met Jan en Marie af dat ik hun akten over 5 jaren opnieuw zal bekijken en dat ik hen eerder zal benaderen wanneer er wetswijzigingen zijn die voor hen van belang zijn. Ik neem hen daartoe op de door ons kantoor ontwikkelende “Testament-Scan” zodat hun testament (en hun samenlevingscontract) “up-to-date” blijft.
Verder spreken we af dat zij contact met mij opnemen als hun feitelijke situatie tussentijds veran-derd (aankoop van een nieuwe woning, sluiten nieuwe hypotheek, uitbreiding gezin, starten eigen zaak, huwelijk, enzovoort).